Reportage | In Overijssel leeft de erfenis van Geert Groote voort

Dit artikel verscheen op donderdag 2 juli in Trouw als eerste deel van de zomerserie ‘God in het land’.
God in het land – Moderne Devotie in Overijssel Trouw reist de komende weken kriskras door Nederland, op zoek naar het onverwachte
religieuze leven in elke provincie. Vandaag: in Overijssel staat een middeleeuwse
hervormingsbeweging volop in de belangstelling.

Geert Groote leeft nog

Onder een oude beuk aan de rand van de middeleeuwse begraafplaats Bergklooster in Zwolle, staat een gedenksteen. Op de zandgrond eronder prijkt een vaas met bloemen. “We moeten even op zoek naar iets om die vaas op te zetten”, spoort Mink de Vries zijn medebestuursleden van de Thomas a Kempis Stichting aan, “dit is iets te aards”. Rondom het monument staat een allegaartje aan stoelen en banken opgesteld die Bert Pierik, vierde generatie begraafplaatsbeheerder, nu voor de derde keer deze maand uit de opslag heeft gehaald. Pierik is ook niet te beroerd om een krukje voor de bloemen te regelen. “Is dit wat, of vinden jullie het oubollig?” keurt hij zijn werk.

De gedenksteen markeert de plek waar vroeger het Agnietenbergklooster stond. ‘Hier leefde Thomas van Kempen in den dienst des Heeren en schreef zijn Navolging van Christus’, staat erop. Van Kempen, voor velen beter bekend als Thomas a Kempis, was een van de voormannen van de middeleeuwse religieuze hervormingsbeweging de Moderne Devotie. Vanavond is dit het toneel voor de derde Zomeravondontmoeting, een van de activiteiten die rondom het modern devoot gedachtengoed wordt georganiseerd.

In de stad van Thomas a Kempis is er een beweging ontstaan die de waarden van de Moderne Devotie weer in de praktijk wil brengen. Deze postmoderne devoten, zoals ze zichzelf noemen, streven naar een hechte gemeenschap waarin mensen naar elkaar omkijken. Daarvoor organiseren ze pelgrimstochten, retraites en een Moderne Devotiefestival, en hebben ze contacten met scholen, ondernemers en gelijkgestemden in andere gemeenten. Het Gelderse Wapenveld bijvoorbeeld, waar vorig jaar de Moderne Devotie-fietsroute in gebruik genomen is, en Deventer, de geboortestad van Geert Groote. Het moge duidelijk zijn: de Moderne Devotie leeft in West-Overijssel. En niet alleen voor religieuzen, zo blijkt tijdens de Zomeravondontmoeting.

Want na een paar devote gezangen van het koor dat naast het monument staat opgesteld, neemt een blonde dame de microfoon om het publiek, zo’n dertig voornamelijk 50-plussers, toe te spreken. Het is Trudy Huisman, directievoorzitter van de plaatselijke Rabobank. Dat lijkt misschien een wat vreemde combinatie: een bank en een middeleeuws-religieuze beweging, maar dat valt volgens Huisman wel mee. “De intentie van het verhaal is hetzelfde, we gebruiken alleen andere woorden”, legt ze uit. Ingetogen spreekt ze over verantwoordelijkheid en leren van je fouten. “Uiteindelijk werken wij met het spaargeld van onze klanten. Dan moet je je wel goed afvragen: wat doen we daarmee, welke keuzes maken we?”

Volgens Mariska van Beusichem, voorzitter van de Thomas a Kempis Stichting en predikant, kunnen niet-religieuzen een heel eind met A Kempis meegaan wat betreft zijn vragen over de wezenlijke dingen van het leven, maar is het verschil de naam die ze er uiteindelijk aan geven. “Ook niet-christenen kunnen de ervaring hebben dat er iets in hen is dat aan hen trekt, een verlangen dat ze niet zelf bedacht hebben”, zegt ze. “Thomas noemde dat God, want hij sprak vanuit de context van het christelijk geloof, maar je zou ook een ander woord kunnen gebruiken.”

In haar praatje haalt Huisman de bankencrisis en de Libor-affaire aan, zaken die medeverantwoordelijk zijn voor het gebrek aan vertrouwen in machthebbers en bankiers. De Moderne Devotie ontstond in zo’n zelfde klimaat: de crisistijd aan het eind van de veertiende eeuw. Terwijl de pest om zich heen greep, werden de armen steeds armer en verrijkten de adel en de kerk zichzelf ten koste van de onderkant van de samenleving. De Moderne Devotie keerde zich tegen het machtsmisbruik en misstanden in de kerk, en benadrukte het belang van gemeenschap, persoonlijke verantwoordelijkheid en gelijkheid tussen mensen. Grondlegger Geert Groote predikte soberheid en gaf zelf het goede voorbeeld door zijn huis af te staan aan een groep ongehuwde vrouwen. Ook verzette hij zich tegen de bouw van de Utrechtse Domtoren, die hij een tweede toren van Babel noemde. Hij zag de toren als een symbool van trots en verspilling en vond dat het geld naar de armen moest gaan.

De Moderne Devotie bestond aan de ene kant uit woongemeenschappen, de Zusters en later ook Broeders des Gemeenen Levens, waar leken zich inzetten voor hun directe omgeving en studenten huisvestten. Aan de andere kant was er de kloosterorde die bekend werd als de Congregatie van Windesheim. Aan het begin van de zestiende eeuw had de congregatie ruim honderd kloosters, waarvan een aantal in Duitsland.

De eerste kapel van de Broeders des Gemeenen Levens stond in Deventer en was de thuishaven van Geert Groote. In 2013 werd op de fundamenten van die kapel een modern gebouw met glazen gevel neergezet dat de naam ‘Geert Groote Huis’ kreeg. In het informatiecentrum, dat uit moet groeien tot een museum, wordt het levensverhaal van Deventers bekendste inwoner verteld en probeert een team van vijftig vrijwilligers de bezoekers iets mee te geven van Grootes waarden, die zij bijzonder actueel achten.

“Opkomen voor je medemens, je afzetten tegen hoogmoed, macht en status, gelijkwaardigheid en recht op onderwijs”, sommen Johan Grobbée en Robien van Ee van het Geert Groote Huis de belangrijkste ervan op. Het museum heeft een missie, maar die komt, anders dan bij de moderne devoten, nadrukkelijk niet voort uit een religieuze overtuiging. “Dat betekent niet dat we het religieuze laagje eraf schrapen, maar dat we het in context plaatsen”, legt Van Ee uit. “Katholieken, protestanten, humanisten… iedereen claimt Geert. Wij willen daarin onafhankelijk zijn, we proberen mensen alleen aan het denken te zetten over deze universele waarden door een link te leggen met het heden.”

Grobbée merkt op dat de Moderne Devotie steeds meer leeft in de omgeving. Afgelopen jaar had het pas geopende museum drieduizend individuele bezoekers, naast de groepen die ze regelmatig ontvangen. Ook wordt in Deventer sinds 2009 een jaarlijkse Geert Groote Dag gehouden, die dit jaar wordt uitgebreid tot een tiendaags festival met exposities, toneel, dans en muziek door de hele stad. Grobbée vindt het niet vreemd dat een middeleeuwse, religieuze beweging mensen nog steeds aanspreekt. “Alle dingen waar Geert tegen opstond doen zich nu nog steeds voor”, zegt hij. “Kijk bijvoorbeeld naar de kredietcrisis en de bonuscultuur, waarom denk je dat iemand als Joris Luyendijk nu zo populair is?”

Over de Zwolse begraafplaats klinkt Mendelssohns ‘Hebe deine Augen auf’. “Wacht, dit deed ik even niet goed”, klinkt het vanuit het koor als een van de alten verkeerd inzet. De dirigent besluit dat ze opnieuw beginnen. “Het begin was wel mooi hè?”, glimlacht hij over zijn schouder naar de toehoorders voor hij zijn armen weer heft. Het publiek lacht en geeft hem gelijk. De tweede keer gaat het goed en wanneer de stemmen verstommen, is er een paar minuten lang niets anders te horen dan het gekwetter van de vogels en het zachte ruisen van de bomen. Net zoals dat ongeveer zeshonderd jaar geleden moet hebben geklonken toen A Kempis op deze plek schreef: ‘Nergens heb ik meer rust gevonden dan in bossen en in boeken’.

Overijssel

Van alles wat, zo zou je de inwoners van Overijssel kunnen beschrijven. Een culturele eenheid is de provincie nooit geweest, ‘de Overijsselaar’ is niet te definiëren zoals bijvoorbeeld ‘de Tukker’. Overijssel is een lappendeken, ook in religieus opzicht. Hoewel vrijwel de hele provincie relatief gelovig is – de meerderheid van de inwoners, in gemeentes als Dinkelland en Staphorst zelfs meer dan 80 procent, zegt tot een kerkelijke gezindte te behoren – is er een vrij duidelijke grens tussen die gezindtes.

Twente en Zuid-Salland zijn overwegend katholiek, terwijl het noorden en de kop van Overijssel juist overwegend protestants zijn en de uitlopers van de bijbelgordel herbergen. Op de grens tussen Salland en Twente vormen Rijssen-Holten en Twenterand orthodox-protestantse enclaves in katholiek gebied.

De tweedeling stamt nog uit de tijd van de Tachtigjarige Oorlog toen Overijssel bezet was door de Spanjaarden. Toen Maurits van Nassau vanuit de IJsselsteden de provincie veroverde, werd vanuit die steden ook het protestantisme verspreid. De protestanten vorderden echter langzaam op het Twentse platteland en toen die regio weer in Spaanse handen kwam, stokte de protestantisering vrijwel helemaal.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s