Interview | In Atjeh bepalen moslims zelf wel in hoeverre ze de sharia willen toepassen

Dit artikel verscheen in Trouw op 24 januari 2018.

 

In de Indonesische provincie Atjeh probeert de overheid met de sharia de bewoners de juiste versie van de islam op te leggen. Maar de gewone Atjeeër blijft vooral zelf nadenken over zijn geloof, ziet historicus en antropoloog David Kloos.

In Atjeh dwing je de sharia niet zomaar af

De grote, allesverwoestende vloedgolf van 26 december 2004 was een keerpunt voor Atjeh. Meer dan 230.000 mensen lieten het leven door die ramp. De inwoners zagen het als een wake-upcall. Dit kon niet anders dan een interventie van God zijn om de aaneenrijging van conflicten in de Indonesische provincie tot een einde te brengen. Het laatste conflict, de strijd om onafhankelijkheid, sleepte zich al bijna dertig jaar voort.

Niet alleen zorgde de tsunami voor het samenkomen van de verschillende partijen en rust in Atjeh. Ook bracht de ramp een religieuze opleving teweeg waar de voorstanders van het invoeren van de sharia handig gebruik van maken. De laatste jaren kwam Atjeh vooral in het nieuws vanwege de shariawetten. In het Westen werd met afschuw bericht over de stokslagen voor een homostel en overspelige vrouwen.

In de nasleep van de ramp bracht David Kloos, die tegenwoordig werkt bij het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden, een bezoek aan Atjeh. Als historicus en antropoloog raakte hij gefascineerd door het gebied en de bevolking. Eenmaal thuis ontdekte hij dat er weliswaar veel onderzoek bestond naar Atjeh en de islam, maar slechts weinig antropologisch veldwerk. Genoeg over de politieke islam, maar geen woord over hoe gewone gelovigen, zonder macht of speciale kennis, hun geloof beoefenen. Hij ging terug, en bleef zestien maanden in Atjeh. Hij ontdekte dat de mythe van de rebelse, vrome Atjeeër, die al vele opstanden in de geschiedenis heeft geïnspireerd, precies dat is: een mythe. Vorige maand verscheen het boek waarin hij zijn promotie-onderzoek optekende.

 
 

Wat zijn de Atjeeërs dan wel voor volk?

“Als je met de eerste de beste Atjeeër op straat praat, krijg je het standaard riedeltje: Atjeeër zijn vroom en dapper, enzovoort. Dat is hoe ze bekendstaan. Maar als je doorpraat en observeert, zie je vooral hoe gewoon Atjeeërs zijn. Dat ze helemaal niet zo bijzonder vroom, dogmatisch of orthodox zijn. Het is niet zo dat iedereen vijf keer per dag bidt of voortdurend bezig is met zondigheid.”

 

Hoe denken ze over, bijvoorbeeld, bidden, alcoholgebruik en seksualiteit?

“Atjeeërs zien de omgang met religieuze normen in de context van een lang leven met ups en downs, waarin mensen ook vaak falen. Het leven is een project om een betere moslim te worden. Er kunnen onverwachte tegenvallers zijn en het kan een tijdje stilliggen. Maar dat is normaal en niet erg. “

 

Dat staat haaks op hoe de overheid wil dat mensen de islam interpreteren en beoefenen. Is er een tweedeling tussen de politiek en het volk?

“Geen tweedeling, wel een spanning. Tussen de pogingen van de overheid om mensen te disciplineren en de manier waarop gewone mensen vormgeven aan het geloof. Atjeeërs zijn heel reflectief met hun geloof bezig. Wat betekent religie op dit moment voor mij, hoe kan ik dat verbeteren, en is dit het moment voor mij om dat te doen? De levensfase waarin je zit, is daarbij van grote invloed. Ik sprak regelmatig met een familie van wie de zoon naar een prestigieuze, strenge koranschool was geweest. Toen hij terugkwam had hij commentaar op hoe zijn ouders hun geloof beoefenden. Zijn vader, die al ouder was en in de levensfase waarin hij nadacht over wat hij verkeerd had gedaan in zijn leven, trok zich dat erg aan. Zijn moeder, die tien jaar jonger was, accepteerde zijn commentaar wel, maar deed er niets mee. De boodschap paste niet in de fase van haar ‘persoonlijk project’ en dat was voor haar een legitieme reden om het naast zich neer te leggen.”

 

Hoe kijken Atjeeërs dan naar de invoering van die strenge islamitische wetten?

“In principe zijn ze het ermee eens dat de staat een rol heeft in het formuleren en handhaven van religieuze normen, maar ze zijn vrij cynisch over de manier waarop dat gebeurt. Bijvoorbeeld dat rijke mensen overal mee weg komen, of dat die wetgeving voor vrouwen vaak veel ingrijpender is dan voor mannen. “Daarnaast zit er ook een symbolisch element in. Dat zeg ik heel voorzichtig, want ik wil de impact voor mensen die de gevolgen ondervinden niet bagatelliseren. Maar niet elke overspelige krijgt stokslagen. De Indonesische staat is niet heel sterk, dus lokale gemeenschappen hebben mogelijkheden daar tegenin te gaan. Hier en daar is de shariapolitie actief, maar op de meeste plekken niet. De lokale overheden hebben vaak andere prioriteiten dan het handhaven van religieuze wetten. Voor Atjeeërs is er juist heel veel ruimte om vorm te geven aan hun eigen normen, in wisselwerking met de staat.”

 

Kunt u een voorbeeld geven?

“Yani, een jonge, ongetrouwde vrouw uit mijn onderzoek, was fel tegen de sharia gekant, omdat ze vond dat de keuzes die zij maakt haar zaak zijn en niet die van de, in haar ogen corrupte en hypocriete, shariapolitie. Ze bleef strakke leggings dragen en op dezelfde manier omgaan met mannelijke vrienden. Tegelijkertijd dwong de shariawetgeving haar te reflecteren op haar persoonlijke ontwikkeling als moslima. Ze praatte veel met vrienden over zaken: wel of geen hoofddoek dragen (volgens de sharia in Atjeh verplicht), wanneer als vrouw wel of niet naar de moskee? Niet zelden koos ze daarbij de conservatieve optie. Die dilemma’s zag zij niet als beperking, maar droegen voor haar juist bij aan haar religieuze zelfbewustzijn. Ze kan kiezen om de normen te accepteren of die te verwerpen.”

 

Zeggen uw conclusies over gewone Atjese moslims ook iets over andere landen?

Heel wat, denk ik. Dat de staat en religieuze instanties steeds verder proberen binnen te dringen in de levens van individuele gelovigen zie je niet alleen in Atjeh, maar in veel moslimlanden. Ook in het Midden-Oosten. Het is belangrijk om te zien dat de handelingsruimte van gewone moslims groter is dan mensen soms denken en de macht van religieuze instanties beperkt.”

 

Becoming better muslims: Religious authority and ethical improvement in Aceh, Indonesia. Princeton University Press, 240 blz., €30,65

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s