Interview | Volgens de Anglicaanse priester Tish Warren vind je God juist in de alledaagsheid

Dit artikel verscheen in het Nederlands Dagblad op 11 januari 2019.
Liturgie is niet enkel de manier waarop we een kerkdienst vormgeven, het zijn de gewoonten en gebruiken die je vormen tot wie je bent, zegt de anglicaanse priester Tish Warren. In haar boek Liturgie van het alledaagse zoekt ze het heilige in het gewone.

God ontmoeten in de alledaagsheid

Tish Warren groeide op in een baptistengemeente in Austin, Texas. Een gemeenschap die zichzelf als non-liturgisch zou omschrijven. ‘Maar toch’, zegt Warren, ‘als ik op zondagmorgen ziek thuis zat, kon ik op vijf minuten nauwkeurig inschatten wat er op dat moment in de kerkdienst gebeurde.’ Waarmee ze maar wil zeggen: een kerk zonder liturgie, dat bestaat niet.

Het was ook de liturgie die haar en haar man naar de Anglicaanse Kerk trok. Beiden hadden theologie gestudeerd toen ze voor een jaar weer terugkwamen naar Texas. In de kerk van hun ‘eigen’ denominatie in hun woonplaats, konden ze geen plek vinden en dus liepen ze eens de evangelisch-anglicaanse kerk in de buurt binnen.

‘We werden verliefd op de liturgie’, vertelt Warren via een Skypegesprek. ‘We vonden het zo mooi om elke week avondmaal te vieren en het bidden van bestaande gebeden hielp ons. Ik was ook niet gewend om mijn lichaam te gebruiken tijdens de kerkdienst, terwijl ik merkte daar wel behoefte aan te hebben. De eerste drie maanden dat we daar kwamen, heb ik elke week gehuild. De liturgie voelde helend.’ Geen wonder dus, dat liturgie de ruggengraat vormt van haar boek Liturgie van het alledaagse.

 

Wat bedoelt u precies als u het hebt over liturgie?
‘Liturgie is het geheel van gebruiken waar we steeds bij terugkomen, die we herhalen en die ons vormen. Welke kerk je ook naartoe gaat, die gemeenschap heeft gebruiken en gewoontes die betekenis hebben en de mensen vormen. Of je dat nou zo bedacht hebt of niet. Er is geen kerk zonder liturgie, maar het verschilt wel hoe doordacht die liturgie is.’

 

Waarom voelt u zich er zo door aangetrokken?
‘Voor de duidelijkheid, ik denk niet dat alle kerken de anglicaanse liturgie moeten overnemen. Maar ik denk dat sommige van deze gebruiken de tand des tijds hebben doorstaan, omdat het goede gebruiken zijn. Niet alles wat blijft, is goed natuurlijk, maar er is wel een reden dat deze gebruiken het zo lang hebben uitgehouden.

We hebben hier in Amerika ook heel moderne kerken, die niet zijn te onderscheiden van een rockconcert. Ze hebben geen traditionele liturgie, inderdaad, maar ze hebben wel een liturgie en die vormt christenen op een bepaalde manier.’

 

Hoe dan?
‘In dat rockconcert-voorbeeld: dat geeft mensen mee dat de eredienst leuk en entertainend moet zijn, dat het een spektakel is zonder ruimte voor stilte of overdenking. Dat alles nieuw en vernieuwend en interessant moet zijn en niet te ouderwets. Ik snap dat een deel van hoe we onze eredienst inrichten, afhangt van onze persoonlijke voorkeuren. Maar soms vergeten we daardoor te onderzoeken hoe onze voorkeuren ons hart, onze voorliefdes en ons verlangen naar God vormen.

Dat geldt ook voor ons dagelijks leven. Ik heb aan veel mensen die niet in God geloven gevraagd: wat doe je in de eerste en laatste twee uren van je dag? Wat doe je als je je gespannen, bang of alleen voelt? Dan val je vaak terug in gewoontes. Mensen noemen dingen als werken, een biertje drinken of sociale media gebruiken. Dat zijn ook vormende gebruiken en beschouw ik als liturgie.’

 

Wordt ons dagelijks leven dan be­ïn­vloed door onze zondagse liturgie of andersom?

‘Ik denk niet dat wat we op zondag in de kerk doen het belangrijke, geestelijke deel van ons leven is en ons doordeweekse het seculiere deel. Ik denk dat die twee elkaar beïnvloeden. Dat ik bijvoorbeeld in de kerk het avondmaal vier, verandert hoe ik alle andere dingen die ik die week doe, eten, slapen, werken, benader. Niet dat het er anders uitziet als je een christen en een niet-christen ziet slapen, maar wel dat je die dingen benadert als een daad van aanbidding. Het werkt ook andersom: hoe we ons leven leven, vormt hoe we God aanbidden. Toen mijn oudste dochter klein was, vond ze altijd overal veren. Voor ik haar kreeg, waren die veren mij nooit opgevallen, terwijl ze er altijd geweest moeten zijn. Maar omdat zij er zo op gefocust was, zag ze ze overal. Zo werkt het ook met de kleine heilige momenten, Gods werk in ons dagelijks leven. Het is niet zo dat het er niet is, maar dat we gewoontes en gebruiken nodig hebben die ons zo vormen dat we het opmerken.’

 

Uw boek gaat over het zien van God in het gewone leven. Want mensen verwachten altijd iets groots, terwijl de meeste mensen heel gewone, saaie levens leiden, schrijft u.
‘Ja. Ik denk dat we onszelf getraind hebben te geloven dat God altijd met veel bombarie verschijnt. Een heftige emotionele ervaring, een bijzondere daad van dienstbaarheid als Moeder Theresa, of een groot theologisch inzicht. Die dingen gebeuren, maar voor de meeste christenen zullen de ontmoetingen met God liggen in kleine dingen. Zoals ’s ochtends de Bijbel lezen, wat misschien helemaal niet zo opwindend voelt. Of wanneer je je tijdens het tandenpoetsen herinnert dat je een lichaam hebt gekregen om voor te zorgen, een lichaam dat ooit weer opgewekt zal worden uit de dood. We kunnen dat soort normale dingen benaderen als een daad van dankbaarheid en aanbidding, zelfs als we daar geen diepe emoties bij voelen en zo leren zien dat God ons in die kleine dingen wil ontmoeten.’

 

Is dat iets wat je kunt trainen?
‘Ja, je kunt erin groeien. Ik heb een vriendin die professioneel ballerina is. Ze traint daar hard voor, maar als ze klaar is met ballet en het vuilnis buiten zet of zo, doet ze dat met zo veel meer gratie en elegantie dan ik ooit zou kunnen. Ze denkt heus niet: ik ga nu heel gracieus het vuilnis buiten zetten, ze doet het niet bewust. Maar ze heeft genoeg geoefend om ervoor te zorgen dat dat ook in haar gewone leven invloed heeft. Dat is wat geestelijke oefening ook kan doen voor christenen. Als je gaat bijbellezen, bidden, vasten of de stilte opzoekt, kan ons dat leren andere geestelijke dingen, zoals een luier verschonen of in de file staan of aan het werk gaan, op een andere manier te doen. Want vergis je niet, dat zijn ook spirituele taken. Mensen die met Jezus wandelen, zeker als ze dat al langer doen, staan op een andere manier in de wereld. Of het nu gebed of sociale media of televisie is; waar je je dag mee vult, is wat vormt wie je bent en hoe je leven eruitziet.’

 

U beschrijft in uw boek een gewoonte die u vormde: dat het eerste wat u ’s ochtends deed, was op uw telefoon kijken. U besloot dit te veranderen en in plaats daarvan elke ochtend uw bed op te maken. Wat gebeurde er toen?
‘Ja … Ik zit op dit moment naast mijn bed en het is niet opgemaakt. Dus ik voel me een beetje schijnheilig, haha. Maar dat is ook niet het punt. Kijk, het is niet zondig of zo om ’s ochtends op je telefoon te kijken. Maar ik merkte dat ik daardoor gevormd werd tot iemand die op elk vrij moment van de dag uit gewoonte, zonder er ook maar bij na te denken, naar mijn telefoon greep. Ik vulde elk moment met meer werk en meer informatie en dat vormde mij tot een bepaald doel. Ik heb nooit een belijdenis opgezegd dat ik geloof in Steve Jobs, maker van Apple, hemel en aarde en dat technologie de redder van de mensheid is. Maar de manier waarop ik mijn tijd gebruikte, wees wel in die richting. Want het allereerste wat ik ’s morgens deed, nog voor ik mijn kinderen zag of mijn man een kus had gegeven, voordat ik had gemerkt of het buiten regende of dat de zon scheen, was op mijn telefoon kijken.

Ik wilde een nieuwe gewoonte ontwikkelen, een liturgie van mijn morgen, die me zou helpen aanwezig te zijn in de echte wereld en open te staan voor de stilte in mijn dagen, lakens, ­mensen van vlees en bloed en God. Dat was een moment waarop ik mijn dag aan de Heer gaf en even stil was. Er was geen vuurwerk, ik had geen bijzondere emotionele beleving of groot theologisch inzicht. Maar het leerde me om ruimte te laten in mijn dag waar ik God kan ontmoeten.’

 

U beschrijft hoe sommige christenen – waaronder uzelf – de druk voelen in hun werk allerlei betekenisvolle dingen te moeten doen voor Gods koninkrijk. Dat vond ik opvallend, als priester werkt u toch bij uitstek voor God?
‘Ja, dat is interessant inderdaad. Maar ook als pastor of priester is er zo veel gewoonheid, alledaagsheid. Je hebt nog steeds begrotingen, parkeerissues, conflicten tussen mensen, en ­e-mail. Zo veel e-mail. Ik heb mezelf erin getraind om die taken ook te zien als onderdeel van een bredere theologische visie voor mijn werk, maar op het moment zelf is e-mail gewoon e-mail. Dat voelt nooit als een transcendente taak.

Sommige mensen hebben het idee dat alledaagsheid iets is waar slechts een deel van de mensen mee moet dealen. Dat het leven van een politicus, of priester of beroemdheid altijd honderd procent spannend en opwindend is. Ik geloof dat niet. Of je nou de meest geestelijke persoon op aarde bent of niet, je krijgt nog steeds te maken met de vraag of je leven zin heeft, of het zin heeft om je e-mails te beantwoorden of de vloer te dweilen. De alledaagsheid en soms verveling is onderdeel van het mens-zijn en daar komt niemand onderuit.’

 

Wat hoopt u dat mensen meenemen uit uw boek?
‘Er zijn mensen die trots naar me toe komen om te vertellen dat ze hun bed hebben opgemaakt vanmorgen, dat is niet helemaal mijn punt. Ik hoop dat mensen na gaan denken over de gewoonten en gebruiken in hun eigen leven en wat het zou betekenen om God in die dingen te ontmoeten.

Op een christelijke school in Chicago is een groep scheikundigen na het lezen van mijn boek samengekomen om te praten over hun gewoonten. Niet alleen in hun persoonlijk leven, maar ook als scheikundigen, wetenschappers. Ze praatten over hoe die gewoonten hen gevormd hebben en wat het zou betekenen om scheikunde te benaderen als een daad van aanbidding.

Ik had nooit het boek Liturgie van het alledaagse voor scheikundigen kunnen schrijven, dus ik vind het fantastisch dat zij deze ideeën toepassen in hun eigen leven. Ik hoop dat mensen de veren gaan zien, zich ervan bewust worden dat God overal om ons heen is en onze ogen trainen dat op te merken.’

 

naar aanleiding van: Liturgie van het alledaagse, Heilige gebruiken in het gewone leven. Tish Warren, (vert. Monica van Bezooijen). Uitg. Van Wijnen, Franeker 2018. 192 blz. € 19,95

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s