Interview | Het is hoog tijd dat vrouwen eens boos worden, vindt Soraya Chemaly

Dit interview verscheen in het Nederlands Dagblad op 24 mei 2019.

 

Soraya Chemaly onderzocht het verschil tussen mannen en vrouwen door de lens van boosheid.

Wanneer durven vrouwen eens écht boos te worden?

 

Afgelopen zondag was de Britse prins William te zien in een tv-programma waarin hij met een paar van Engelands grootste voetbalhelden sprak over geestelijke gezondheid. Voetballers, het toonbeeld van traditionele mannelijkheid, moeten altijd stoer zijn. Praten over hun gevoelens, of zelfs een traantje laten, wordt niet getolereerd. De mannen bekennen dat ze dat als enorme druk ervaren.

 

Ook in Nederland is het gesprek over mannelijkheid in volle gang. Documentairemaakster Sunny Bergman maakte vorige maand de tongen los met haar documentaire Man Made, waarin ze zich afvraagt of het tijd is voor de emancipatie van de man. Begin deze maand ging ze in gesprek met schrijfster en activiste Soraya Chemaly over boosheid als middel voor verandering.

 

Chemaly schreef daar een boek over, dat onlangs in het Nederlands is vertaald: Fonkelend van woede, de kracht van boosheid van vrouwen. Daarin onderzoekt ze ongelijkheid tussen man en vrouw door de lens van boosheid. In onze maatschappij gelden namelijk andere standaarden voor boze vrouwen dan voor boze mannen, stelt ze.

 

Een voorbeeld: tijdens de finale van de US Open, een van de grootste tennistoernooien ter wereld, ondervond Serena Williams aan den lijve dat vrouwen die hun boosheid laten zien op een andere manier bejegend worden dan mannen die dat doen. Ze noemde de scheidsrechter een dief, omdat hij in haar ogen onterecht een punt van haar afpakte. Dat kwam haar op een van de hoogste boetes in de tennisgeschiedenis te staan. En dat terwijl er mannelijke tennissers zijn die soortgelijke, zo niet ergere dingen tegen een scheidsrechter hebben gezegd zonder dat het gevolgen had.

 

‘Wat een verbazingwekkend verschil’, zegt Chemaly hoofdschuddend, tijdens een interview in het Amsterdamse Ambassadehotel, de dag na de debatavond met Bergman.

 

ondamesachtig

 

In haar boek analyseert Chemaly hoe die verschillen te verklaren zijn, welke gevolgen dat heeft en hoe we daar iets aan kunnen doen. Daarvoor haalt ze een batterij onderzoeken aan waaruit blijkt dat vrouwen van jongs af aan leren dat boosheid ondamesachtig, onaantrekkelijk en egoïstisch is. Voor mannen is het een emotie die weliswaar beheerst moet worden, maar als deugd wordt beschouwd. Vooral wanneer ze het inzetten om te beschermen, verdedigen of leiding te geven.

 

Vrouwen worden gezien als lichtgeraakt, incompetent, irrationeel en onsympathiek wanneer ze hun boosheid uiten, schrijft Chemaly. Daarom leren ze het te minimaliseren. Ze zeggen dat ze gefrustreerd of geërgerd zijn en stellen alles in het werk om kalm en rationeel over te komen. Ze associëren woede met een gevoel van machteloosheid, terwijl het voor mannen juist iets is wat hun macht vergroot.

 

Dat vrouwen hun boosheid anders uiten, wordt in onze maatschappij niet erkend, zegt Chemaly. Ze pleit ervoor boosheid bij vrouwen te herkennen én serieus te nemen. Want je boosheid kunnen uiten zonder te worden bespot, betekent dat je met waardigheid en respect behandeld wordt.

 

Sommige mensen zeggen: mannen zijn toch ook gewoon agressiever? Dat komt door hun testosteron.

‘Er zijn veel mannen met eigenschappen die we in onze maatschappij als vrouwelijk zouden omschrijven, dat heeft niets met testosteron te maken. Vrouwen hebben net zoveel boosheid, maar uiten het op een andere manier, en die wordt niet gerespecteerd in onze samenleving. Gender, de eigenschappen en rollen die wij toekennen aan mannelijkheid en vrouwelijkheid, is niet iets waar we mee geboren worden. Het is een structuur die we gebruiken om onze samenleving te organiseren. Dat zit zo diep in ons denken, dat we zelfs al vanaf de geboorte emoties verdelen over de genders.’

 

U haalt een onderzoek aan waaruit blijkt dat alleen al het vermoeden dat een kind een jongetje of een meisje is, invloed heeft op de emoties die volwassenen toekennen aan hun gedrag.

‘Ja. Mensen noemen onrustige baby’s waarvan ze denken dat het jongetjes zijn eerder prikkelbaar en bozig, en baby’s waarvan ze denken dat het meisjes zijn verdrietig of angstig. Dat laat zien hoe diep die genderrollen in ons denken verankerd liggen. Niet alleen meisjes ondervinden daar nadeel van. Jongetjes worden bijvoorbeeld afgerekend op het tonen van ‘vrouwelijke’ emoties als empathie of verdriet. ‘Gevoelige’ jongens worden enorm gepest, omdat ze leren een man te zijn door vrouwelijke emoties, die worden gezien als vernederend en zwak, te onderdrukken.’

 

Vrouwen zijn dus niet minder boos dan mannen. Hoe zit het dan?

‘Er is veel onderzoek dat laat zien hoe agressief vrouwen zijn. Maar ze uiten dat op manieren die onze maatschappij niet erkent. Een daarvan is relationele agressie, het mean girls-effect. Elke vrouw weet precies wat ik bedoel, het is heel subtiel maar zo krachtig en effectief. Het punt is dat we een heel beperkte, mannelijke visie hebben op boosheid: het standaardbeeld van een woedende, gewelddadige, schreeuwende man. Maar mensen uiten hun woede op zoveel meer manieren waar we het nooit over hebben. Mijn punt is dat we al die woede moeten erkennen.’

 

U schrijft dat vrouwen zelf vaak niet doorhebben dat ze boos zijn. Wat is dan het probleem?

‘Als we ons begrip van boosheid niet uitbreiden zodat we het ook herkennen bij vrouwen en meisjes is de kans groot dat ze er last van krijgen. Boosheid is als water, het vindt altijd een weg, vaak in onze lichamen. Ik zeg niet dat het ziektes veroorzaakt, maar er zijn talloze studies die uitwijzen dat boosheid bijdraagt aan chronische pijn, auto-immuunziekten en nog meer aandoeningen die we beter aankunnen als we leren boosheid te uiten in plaats van binnen te houden. In het boek heb ik hier een heel hoofdstuk aan gewijd. Daarin beschrijf ik hoe fysieke pijn bij vrouwen veel minder serieus genomen wordt. Dat illustreert hoe onze maatschappij woede en pijn van vrouwen minimaliseert en negeert, tot het punt waarop mensen die gevoelens niet eens herkennen op onze gezichten. De meest onbegrijpelijke gezichtsuitdrukking van een vrouw is boosheid. Is dat niet opmerkelijk? Als mensen mij vragen hoe een boze vrouw eruitziet, glimlach ik. Ze lacht naar je, want haar hele leven is haar geleerd dat het niet ongestraft blijft als ze haar boosheid laat zien. Ze verliest haar autoriteit, haar geloofwaardigheid en haar rationaliteit.’

 

Het viel me op dat uw boek vrij dik is, maar bijna een kwart van de pagina’s is gevuld met bronnen. Is dat een verdedigingsmechanisme?

‘Absoluut. Als publiek feministe krijg ik nooit het voordeel van de twijfel. Nooit. Ik kijk soms vol ontzag naar mannen met veel minder expertise die gewoon dingen zeggen. Ze schrijven gewoon stukken en geven hun mening. Als een vrouw dat doet, wordt van haar verwacht dat ze dat tot in den treure bewijst, het liefst met een beroep op een mannelijke autoriteit. Dus ja, dit is een verdedigingsmechanisme. Al denk ik niet dat al die bronnen en onderzoek iemand van gedachten doen veranderen, want dat is enorm moeilijk. Ik denk wel dat het voor vrouwen die deze ongelijkheid aanvoelen, maar het moeilijk kunnen uitleggen of zelf de research niet kunnen doen, goed is te weten dat ze niet alleen en niet gek zijn. Veel vrouwen hebben het gevoel dat hun ervaringen niet legitiem zijn omdat mensen ze blijven ontkennen. Ik wil ze hiermee laten zien dat hun zorgen gegrond zijn.’

 

Als ik met mannen praat over mijn ervaringen als vrouw, bijvoorbeeld hoe vaak je in de kroeg bij je billen wordt gegrepen …

‘O ja, hoe vaak, zes keer op een avond?’

 

… of dat in een hypotheekgesprek mijn vragen niet zo serieus worden genomen als die van mijn man, of zelfs iets simpels als de ongemakken van ongesteldheid, is dat compleet nieuwe informatie voor de meesten en reageren ze vol ongeloof. Hoe kan dat?

‘Daar gaat mijn volgende boek over! Ik ben daar ook door gefascineerd: waarom zouden de mannen die van ons houden – mijn broer, mijn echtgenoot, een goede vriend – twijfelen aan wat ik zeg? Ik stuitte op de theorie van identiteitsbeschermende cognitie: kort gezegd het idee dat mensen iets geloven zolang het hun status niet bedreigt. De dominante rol van de man in onze maatschappij is nog steeds die van beschermer en kostwinner. Dus als vrouwen zeggen dat ze in de kroeg of in het openbaar vervoer met ongewenste intimiteiten te maken krijgen, betekent dat voor de mannen die van ons houden dat ze falen in hun beschermende rol. Hetzelfde geldt voor mannen die geleerd hebben dat hun mannelijkheid samenhangt met het zorgen voor vrouwen, terwijl die vrouwen zeggen dat ze wel voor zichzelf kunnen zorgen. Masculiniteit is zo nauw verweven met vrouwelijke kwetsbaarheid, dat het voor mannen moeilijk is daar uit te stappen.’

 

Toen de eerste storm na #MeToo was gaan liggen, klonk het verwijt van mannen dat vrouwen het voor zichzelf verpest zouden hebben omdat ze nu niet meer met vrouwen alleen durfden te zijn. Wat vindt u daarvan?

‘Die opmerkingen heb ik ook gekregen. Die mannen zijn bang iets verkeerds te zeggen of alleen te zijn met een vrouw. Tegen hen zei ik: O, je hebt het gevoel dat je verkeerd begrepen wordt en niet zomaar kan zeggen wat je wil? Welkom bij de club. En realiseer je wat een privilege het is te kunnen zeggen dat je op je werk niet alleen wilt zijn met een vrouw. Er is geen vrouw die dat vol kan houden. En wat als je baas een vrouw is, kun je je werk doen als je niet alleen wil zijn met je baas? Ik denk het niet. Dus, als je hier bang voor bent, moet je met je zorgen en frustraties naar je werkgever, die kennelijk niet in staat is voor wie dan ook een veilige werkomgeving te creëren. Want de tolerantie voor intimidatie die eerst alleen vrouwen schaadde, schaadt jou nu ook. Dus in plaats van boos te worden op ons, zou je beter kunnen bedenken hoe je een bondgenoot in deze strijd zou kunnen worden.’

 

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat onze kinderen leren op een goede manier met boosheid om te gaan?

‘Door los te laten wat we zelf geleerd hebben. Stap één is het ‘ontgenderen’ van emoties, want de verdeling in mannen- en vrouwenemoties slaat nergens op. Voor zover het kan, moeten we dat patroon doorbreken. Door met ze te praten over wat de emoties die ze voelen ons duidelijk willen maken, kunnen we ze helpen die emoties te herkennen en ze in te zetten voor verandering. Mensen die dat kunnen, zijn beter in staat met problemen om te gaan, voor zichzelf op te komen en zijn minder vatbaar voor depressie. Ze zijn vaak ook optimistischer, blijkt uit onderzoek. Want als je boos bent, geloof je dat je het recht en de mogelijkheid hebt om iets te veranderen.’

 

Het kunnen uiten van boosheid is een eerste stap naar verandering, schrijft u.

‘Ja, boosheid is voor mannen een van de beschikbare middelen om iets te bereiken in onze maatschappij. De beschikbaarheid van dat middel is oneerlijk verdeeld en dat heeft verregaande consequenties. Zolang vrouwen het recht wordt onthouden boos te zijn, zullen we niet met volle waardigheid behandeld worden. Een maatschappij die de boosheid van vrouwen niet respecteert, respecteert vrouwen niet. Want anders zou men begrijpen dat onze woede een uiting is van onze ervaringen, kennis, en expertise. Boosheid wordt vaak als iets negatiefs gezien, maar elke revolutionaire beweging begon ooit met een vonk van woede. Het is een emotie die onderdeel is van de strijd voor sociale gerechtigheid en samenhangt op empathie en compassie. Zonder boosheid zou er nooit iets veranderen.’

Soraya Chemaly

Soraya Chemaly (53) is een Amerikaans schrijfster en activiste. Ze is directeur van het Women’s Media Center Speech Project en zet zich wereldwijd in voor vrouwenrechten. Ze schrijft vooral over de rol van gender in cultuur, politiek, religie en media. Haar stukken verschenen onder andere in Time, The Guardian en HuffPost. Fonkelend van woede is haar eerste boek.

naar aanleiding van: Fonkelend van woede. De kracht van de boosheid van vrouwen. Soraya Chemaly. Uitg. De Geus, Amsterdam 2019. 416 blz. € 23,99

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s